Een dak is pas compleet met een goede aluminium daktrim. Dit profiel zorgt niet alleen voor een strakke afwerking van de dakrand, maar voorkomt ook dat je dakbedekking loswaait of sneller slijt door regen en zonlicht. Onze daktrimmen zijn verkrijgbaar in standaard aluminium en met poedercoating in RAL 9005 (zwart).
Je kunt kiezen uit verschillende uitvoeringen zoals binnenhoeken, buitenhoeken en verbindingsstukken. Zo stel je eenvoudig een compleet systeem samen en maak je jouw dak waterdicht, stormvast én strak afgewerkt.
Heb je nog vragen? We helpen je graag verder!
Hieronder vind je een duidelijke uitleg van alle stappen die je moet volgen om daktrimmen goed te monteren.
Benodigdheden verzamelen
– Aluminium daktrimmen (in de juiste maat, bv. 45×45 mm of 60×64 mm)
– Bijpassende hoekstukken en verbindingsstukken
– RVS spenglerschroeven met neopreen ring (kleur bijpassend, bv. RAL 9005)
– Schroefmachine met bit (TX20)
– Meetlint en potlood
– IJzerzaag of slijptol (voor het op maat zagen van trimmen)
– EPDM kit of MS polymeer kit
Controleer het dak
Zorg dat de EPDM-dakbedekking al netjes geplakt is en goed over de dakranden valt. De dakrand moet schoon en droog zijn voordat je begint.
Gebruik de speciale hoekstukken zodat de trim mooi in verstek doorloopt.
Schuif de hoek over de uiteinden van de trimmen en schroef hem vast.
Voor rechte aansluitingen gebruik je verbindingsstukken.
Schuif deze half over de ene trim en half over de andere trim, zodat er een nette overgang ontstaat.
Controleer of alle trimmen goed vastzitten en netjes aansluiten.
Werk naden en kleine kieren af met MS polymeer kit, zodat er geen water onder de trim kan kruipen.
Veeg overtollige kit direct weg voor een strakke afwerking.
❌ Te weinig schroeven gebruiken → Gebruik altijd voldoende bevestiging (om de 30–40 cm).
❌ Geen verbindingsstukken plaatsen → Hierdoor ontstaan kieren waar water in kan lopen.
❌ Daktrim scheef monteren → Begin altijd recht vanaf een hoek en controleer tussendoor met een waterpas.